Afgelopen dinsdag verscheen een artikel over debat met fascisten op onze site. Moet je nooit met extreemrechts in debat gaan, of moet je het podium nemen om je eigen verhaal te sterken? Niels snijdt door de tweedeling heen en ziet een tactische middenweg.
Afgelopen week hebben partijen in verscheidene gemeentes in aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen aangekondigd een boycot in te stellen tegen Forum voor Democratie. Dit leidde tot een discussie binnen linkse kringen of dat een verstandige tactiek is om extreemrechts te bestrijden. Enerzijds is het argument voor een dusdanige boycot dat extreemrechtse partijen niet worden genormaliseerd in het publieke debat. Anderzijds is het argument tegen dat je daarmee jezelf censureert en een appèl doet op burgerlijke platforms die communisten om ook zullen weren als wij groot genoeg worden.
Ik ben zelf van mening dat beide argumenten goed te verdedigen zijn, maar ik denk ook dat een goede tussenweg te vinden is. De uitkomst van dit debat hoeft niet zwartwit te zijn, maar kent vele grijstinten en nuances. Er is een manier om tot zekere hoogte een boycot in te stellen tegen discriminerende partijen, terwijl jij je eigen verhaal overbrengt naar de arbeidersklasse. De crux is namelijk dat wij communisten een groot electoraat delen met extreemrechts. Mensen die stemmen op FvD en PVV zijn volgens de cijfers vaak arbeiders uit economisch precaire gebieden die makkelijk tegen elkaar op te zetten zijn door middel van racistische retoriek. Diezelfde mensen zijn gebaat bij een klassenanalyse die wij ze kunnen bieden.
Het is belangrijk om als communist altijd vanuit je eigen positie te redeneren en te bedenken welke gevolgen je keuzes zullen hebben. Als je een publiek debat met meerdere partijen weigert omdat een extreemrechtse partij meedoet, heeft dat tot gevolg dat het publiek denkt dat die extreemrechtse partij de enige echte anti establishment partij is. Je zou kunnen verdedigen dat een debat met een extreemrechtse partij meer is dan alleen een uitwisseling van argumenten op een openbaar platform. Het spreekt ook de arbeider aan die zich in de steek gelaten voelt door het establishment en zijn antwoord daarop denkt te hebben gevonden bij de rechterkant, maar opeens ook jouw argumenten meekrijgt. Daarom denk ik dat publieke debatten met extreemrechts best nuttig kan zijn.
Er zijn echter scenario’s waar je een debat met een fascist juist beter uit de weg kan gaan. In 2023 hebben ik en andere kameraden een tegenprotest georganiseerd als reactie op een protest van de fascistische Nederlandse Volks-Unie in Arnhem. In aanloop van dat protest heeft Omroep Gelderland een verzoek gedaan om NVU-leider Constant Kusters en ons tegenover elkaar te zetten in een talkshow waar we met elkaar in debat zouden gaan. Wij hebben die uitnodiging geweigerd en een statement gedeeld dat we niet zullen praten met neo-nazi’s.Onze analyse was dat zo’n set-up enkel leidt tot escalatie voor het oog van de camera. Wij hadden niets te winnen door met een zelfbenoemde nationaalsocialist te debatteren over de vraag of queer-mensen en vluchtelingen bestaansrecht hebben. Wij zouden alleen maar verzanden in een cultuuroorlog waar wij moeten reageren op de absurde eisen van een fascist. Uiteindelijk heeft Omroep Gelderland door onze boycot het hele item dan maar geschrapt. Een burgerlijk commercieel platform heeft ook bepaalde belangen in zo’n debat. Aangezien RSP een radicale partij is, zijn wij ook interessant voor commerciële zenders om ons tegenover een andere radicale partij te zetten, in de hoop dat onze botsende standpunten leidt tot escalatie voor hogere kijkcijfers. Wij moeten onze positie daarom bij elke aanvraag zorgvuldig afwegen.
Wat moeten we dan wel doen? De groei van extreemrechts betekent dat een grote groep naarstig op zoek is naar een tegengeluid. Wij communisten kunnen in dat gat springen en in het verleden is gebleken dat als we het momentum aangrijpen we significante stappen kunnen zetten in de groei van onze beweging. ROOD kreeg een stroom aan nieuwe kaderleden nadat campagne werd gevoerd naar aanleiding van de verkiezingswinst van de PVV in 2023. Een ander voorbeeld is de nationale petitie die PVDA/PTB lanceerde als reactie op Zwarte Zondag. Dat was de dag dat oner andere Vlaams Blok, de voorloper van Vlaams Belang, de grote winnaar werd van de Belgische federale verkiezingen in 1991. Die petitie noemde zij Objectief 479.917 en de naam sloeg op het aantal stemmen dat extreemrechtse partijen gezamenlijk ontvingen. Het doel was om in een jaar tijd minstens evenveel handtekeningen te verzamelen. De eisen in die petitie waren directe politieke en sociale verbeteringen voor immigranten, zoals dat ze na vijf jaar verblijf automatisch de Belgische nationaliteit kregen. De campagne werd een groot succes en op 24 november 1992, een jaar na Zwarte Zondag, stond de teller op 582.172 handtekeningen. Uiteindelijk wisten ze ruim een miljoen steunverklaringen te verzamelen. Dat de campagne met vrijwel complete afwezigheid van het internet en met zulke progressieve eisen de steun wist te ontvangen van een op de tien Belgen, is een meer dan indrukwekkende prestatie te noemen. Het is een goed voorbeeld dat wij kunnen reageren op de opkomst van extreemrechts door onze eigen politiek te verspreiden en dat als we het juiste moment kiezen, die spreiding heel groot kan zijn.
Uiteindelijk hebben wij een groot voordeel tegenover fascisten dat wij een duurzame arbeidersbeweging kunnen opzetten en zij niet. Extreemrechts is niets meer of minder dan een kapitalistische stroming die wij net zo goed moeten bestrijden als alle andere uitwassingen van het kapitalisme. Dat houdt in dat we ons verhaal moeten delen in plaats van dat we alleen op hun vergiftigde woorden moeten reageren. Dat wij wel of niet met ze moeten debatteren is een overschat discussiepunt als wij de massa’s aan ons weten te binden. De massa is de meest effectieve manier om extreemrechts te bestrijden. Wij moeten daar zijn waar fascisten ook zijn, zeker als zij aan populariteit winnen. Daar is, of wij het willen of niet, ook zichtbaarheid voor nodig in de media als een fascist zijn mond open trekt. Wij moeten er staan om hun vergiftigde woorden te verpletteren met klasseretoriek. Wij moeten fascisme bestrijden op televisie en de radio, de wijken en de straten en de werkvloer. Alleen dan bannen wij extreemrechts uit het publieke debat.
Dit artikel is een ingezonden opinieartikel en reflecteert niet noodzakelijk de standpunten van de RSP, ROOD, of de redactie. Wil je hierop reageren of een eigen artikel, zoals een opinieartikel of een brief, insturen? Neem contact op met de redactie via redactie@weesparaat.nl