In de geschiedenisboeken en -lessen wordt de twintig jaar tussen 1794 en 1814 vaak als ‘de Franse tijd’ neergezet. Een extreem simplistische weergave van het inheemse politieke conflict dat er achter lag, die ervoor zorgt dat er weinig geleerd kan worden van dit stukje geschiedenis. De altijd knullig afgebeelde Patriotten zijn in werkelijkheid de stoere vrijheidsvechter waar Thorbecke foutief voor uitgemaakt wordt.
De meeste Nederlanders hebben weinig idee van het ontstaan van de liberale democratie van ons land. Als ze iets weten hebben ze een beeld van Thorbecke die de absolute macht van de koning eigenhandig weet af te breken door iedereen met zwoele retoriek te overtuigen. Maar ook Nederland heeft een geschiedenis van revolutionair verzet om democratische rechten te winnen, en eentje waar de huidige ‘altijd redelijke’ constitutionele monarchie zich voor schaamt.
Achtergrond
Deze democratiserende beweging komt voort uit een machtsstrijd die al sinds de 16e eeuw woedt tussen stedelijke adel en burgerij, en de kerk en landelijke adel. Midden in de achttiende eeuw bracht een staatsgreep echter een einde aan deze twisten. De Oranjes, die de kerk en landelijke adel vertegenwoordigde, kregen de almachtige troonopvolging die ze al zo lang begeerden eindelijk in handen. Als reactie hierop, en tevens als reactie op de opkomende kleine ondernemers, handelaren en werkers die ook wat in de pap te brokkelen wilden hebben, radicaliseerde de oude groep die de republikeinse stroming vertegenwoordigde. Ze gingen zichzelf ‘de Patriotten’ noemen en eisten verkiezing van het stadsbestuur, vrijheid van meningsuiting en -vergadering en in sommige gevallen zelfs volksbewapening.
De machtsstrijd tussen de twee werd getekend door meningen over buitenlandbeleid. De Patriotten waren voorstanders van de Amerikaanse Revolutie, terwijl de Orangisten zich verbonden voelden met Pruisen en Engeland. Dit had niet alleen ideologische redenen; de heersers van Engeland en Pruisen waren familie van de Oranjes, terwijl de patriottische burgerij handelde met de Amerikanen.
De meningsverschillen werd niet lichtzinnig opgevat en patriotten werden uit posities geweerd of gezet aan de hand van ‘pro-Amerikaans sentiment’. Nederlandse handelaren lieten ondanks interne tegenwerking toch Amerikaanse schepen toe in hun havens en lieten geheime onderhandelingen spelen tussen de VS en de Republiek. Deze geheime onderhandelingen werden onderschept, wat leidde tot Engelse tegenreactie; een oorlogsverklaring.
Burgeroorlog
Dit zette de heersende Orangisten in een ongemakkelijke positie. Ze werden geassocieerd met de vijand en waren een oorlog tegen hen aan het verliezen. Patriotten gebruikten dit voor hun eigen propaganda. Posities in stadsbesturen werden daardoor doorgegeven aan steeds liberalere kandidaten. Parallel aan deze mars door de instituties begon burgerbewapening, soms in samenwerking met de patriotten in officiële functies.
In ‘86 besloot na een conflict de prinsgezinde minderheid de Provinciale Staten van Utrecht te verlaten en hun eigen vergadering op te zetten. Dit was een grote inspiratie voor Herman Daendels, die als reactie op het feit dat de stadhouder hem had overgeslagen voor een baantje als bestuurder van het stadje Hattem besloot dat prinsgezinden ook geen plek zouden moeten hebben in het stadsbestuur van Hattem. Hij zou zijn baantje met de nieuwe volksmilities verdedigen. Zijn afgewezen sollicitatie leidde tot een burgeroorlog.
De patriotten worden vaak als erg knullig afgebeeld, maar in tegenstelling tot hoe de constitutionele monarchie ze vaak poneert, waren het niet de republikeinen die buitenlandse hulp nodig hadden om hun politieke tegenstanders te verslaan. Voor het eind van de maand waren Holland en Utrecht volledig in handen van de liberalen. Wilhemina, de vrouw van de stadhouder, vroeg haar Pruissische familie om de wapens op haar eigen burgers te richten. De Pruisen dreven daarop de patriotten het land uit. Om hun overwinning op recht en democratie te vieren bouwden ze een spuuglelijke triomfboog die geloof ik nog steeds in Berlijn staat: de Brandenburger Tor. Nederland werd zeven jaar een Brits-Pruisische marionet, maar om ons koningshuis de schaamte te besparen worden deze jaren niet ‘de Brits-Pruisische tijd’ genoemd. Daendels werd uit Nederland verbannen.
‘De Franse Tijd’
De burgeroorlog in Nederland was echter nog maar een voorproefje van wat er komen zou. Een jaar later kwam een vergelijkbare revolutie van de grond in Frankrijk en in wat nu België is. De Franse revolutie ontspoorde en de Fransen verklaarden oorlog aan stadhouder Willem V. Even later liep Daendels met zijn nieuwe Franse bondgenoot het land weer in. Volgens het curriculum zoals de staat wil dat je het kent is dit het begin van de ‘Franse tijd’. Het eerste waar deze Fransgezinden zich aan brandden was gelijke rechten voor religieuze minderheden en het instellen van kiesrecht voor iedere man met onderdak. Er was geen ondemocratische distinctie tussen het parlement en kabinet, het voorzitterschap rouleerde en de vertegenwoordigers zouden zitting nemen voor anderhalf jaar in plaats van vier.
Zouden, want onze vriend Daendels pleegde een staatsgreep omdat het staatsbestel te langzaam was met het opstellen van een grondwet. Vrijheid van meningsuiting werd een feit, marteling en feodalisme werd afgeschaft. Daendels was echter niet tevreden, en poogde een aantal jaar later voor de vijfde keer het regime van Nederland te veranderen, wat duidt op een zekere love of the game. Daarmee was er echter wel een einde gekomen aan het democratisch experiment. Al snel werd Nederland geheel ingelijfd door de Fransen. En toen Nederland eindelijk weer zelfbestuur kreeg, was dat in de vorm van een absolute koning.
Thorbecke
Ironisch genoeg is de ‘revolutie’ die wel de Nederlandse canon heeft bereikt als ‘bakermat van de Nederlandsche democratie’ juist een extreem knullig, en in die zin Nederlands, tafereel. De druk op de koning waardoor hij het besluit maakte om een liberale grondwet te laten pennen kwam voornamelijk uit het buitenland. De revoluties in Mitteleuropa gaven de koning namelijk een schrikbeeld van zijn eigen toekomst. Naar alle waarschijnlijkheid is het zelfs zo dat het geheim dat hij homofiel was gelekt is uit de gevangenis en door liberalen gebruikt werd om hem onder druk te zetten.
Deze druk gebruikten de liberalen voor hervormingen als kiesrecht voor de rijken en adel. Uiteindelijk waren er socialisten nodig om de democratisering terug te brengen naar een niveau waar de patriotten zich niet dood voor zouden schamen. Nog steeds zitten we in Nederland echter met een getrapt gekozen senaat en lagen aan bureaucratische barrières voor verandering. Waarschijnlijk dat er een nieuwe lading socialisten nodig gaat zijn, om daar wat aan te doen.