Sankara’s Burkina Faso

Thomas Sankara wordt overal ter wereld geroemd als voorbeeld voor socialisten. Zijn hervormingen waren ingrijpend, maar waren zij wel echt socialistisch?

‘Het socialisme werkt niet, kijk maar naar de Sovjet-Unie!’ Menig socialist heeft deze beschuldiging ooit naar het hoofd geworpen gekregen. De afgelopen jaren reageren socialisten steeds vaker met: ‘Het socialisme werkt wel, kijk maar naar Burkina Faso onder Thomas Sankara!’. Een filmpje van het ‘libertair-socialistische’ YouTubekanaal overzealots met Sankara in de thumbnail krijgt meer dan zeshonderdvijftigduizend weergaven, TikTokfilmpjes met Sankara in de hoofdrol krijgen er bij elkaar miljoenen. Het verdedigen van het socialisme en het verdedigen van Thomas Sankara zijn allebei eervolle bezigheden, maar ze kunnen niet tegelijkertijd gebeuren. Het socialisme verdedigen betekent ook erkennen dat Sankara’s regeringsperiode weinig met het socialisme te maken had.

Sankara’s machtsovername

Voordat men kan bepalen waarom Sankara’s machtsovername niet tot het vestigen van het socialisme heeft geleid, moet men de materiële omstandigheden begrijpen die tot zijn machtsovername hebben geleid. Het land dat nu Burkina Faso heet, ontstond in 1896 als gevolg van Franse kolonisering. Na een periode van antikoloniaal verzet door de gekoloniseerde volkeren, wist Frankrijk in 1919 de macht over het land definitief te consolideren. Het land heette vanaf toen Frans Boven-Volta. Na wederom ononderbroken antikoloniaal verzet verkreeg Boven-Volta in 1958 beperkte autonomie en in 1960 volledige nationale onafhankelijkheid, hoewel het land in een afhankelijkheidsrelatie tot Frankrijk bleef staan.

Na decennia aan wanbeleid en capitulatie aan het Franse imperialisme pleegde het leger onder leiding van majoor Ouédraogo een staatsgreep in 1982. Sankara werd minister-president. Onder Ouédraogo’s bewind bleef het echter onrustig. Als gevolg van een strijd tussen de linker- en rechtervleugel van zijn regering werd minister-president Sankara gevangengezet. Hij werd op vier augustus 1983 alweer bevrijd, dankzij een staatsgreep onder leiding van kapitein Compaoré. Het kostte twee staatsgrepen, maar uiteindelijk zat kapitein Thomas Isidore Noël Sankara stevig in het presidentiële zadel. Met de steun van een groot deel van het leger, zijn jonge leeftijd en zijn bergen aan charisma ging alles vooralsnog voor de wind. 

Sankara’s hervormingen

Onder de noemer Révolution démocratique et populaire, volks- en democratische revolutie, voerde Sankara’s regering een groot aantal ingrijpende hervormingen door. In een paar weken tijd werden miljoenen kinderen gevaccineerd tegen voorheen dodelijke ziektes als mazelen en gele koorts. In de strijd voor vrouwenbevrijding werden onder andere genitale verminking van meisjes, gedwongen huwelijken en polygamie verboden. Een campagne waarbij tientallen miljoenen bomen geplant werden tegen de verwoestijning van de Sahel is wellicht de meest geprezen maatregel van Sankara’s regeringsperiode. 

Een belangrijk deel van Sankara’s hervormingen draaide om verzet tegen westers imperialisme. Boven-Volta werd een jaar na de staatsgreep omgedoopt tot Burkina Faso, het land van de oprechte mensen. Sankara was een luis in de pels van het Internationaal Monetair Fonds en sloot nauwelijks buitenlandse leningen af. Hij veroordeelde de steun van de Verenigde Staten aan Israël en Zuid-Afrika onder apartheid fel en sprak zijn steun uit voor de nationale bevrijdingsstrijden van Palestina, de Westelijke Sahara en de sandinistische Nicaraguanen. 

Relevant is Sankara’s strijd tegen corruptie en decadentie en zijn oproep tot het vormen van Comités de défense de la révolution, comités ter verdediging van de revolutie. Vertegenwoordigers in deze comités werden gekozen door grote algemene vergaderingen. De comités zijn te vergelijken met pogingen tot volksvertegenwoordiging in Cuba en Gadaffi’s Libië en namen wezenlijk enige macht uit handen van de structuren van verschillende stammen. Belangrijk is echter dat de uiteindelijke macht bleef liggen bij het leger. Geen enkele hervorming werd doorgevoerd zonder de goedkeuring van het leger en het leger bleef in grote mate verantwoordelijk voor het uitvoeren van de besluiten. Het leger stond daarbij niet onder de democratische controle van de Burkinese bevolking. Gedurende Sankara’s heerschappij kwam zijn overheid een aantal keer in conflict met vakbonden en andere organisaties van de arbeidersbeweging. Sankara reageerde hierop door gedeeltelijke verboden en het aan banden leggen van de vrijheid van meningsuiting en pers.

Aan alles komt een eind

Op 15 oktober 1987 maakte zijn voormalige compagnon Blaise Compaoré een einde aan Sankara’s bewind. Het is bijna zeker dat hij dit deed met Franse steun. Tijdens een bijeenkomst van een regionaal samenwerkingsverband werd Thomas Sankara doorzeefd met kogels. Hoewel een aantal Comités de défense de la révolution gewapend verzet boden, consolideerde het leger onder leiding van Compaoré alle macht binnen een paar dagen. Het nieuwe regime sloot zich weldra weer aan bij de Wereldbank en Internationaal Monetair Fonds, herstelde de diplomatieke relaties met Frankrijk en draaide bijna al Sankara’s hervormingen, waaronder alle nationaliseringen, terug. Compaorés regime werd pas in 2014 omvergeworpen.

Het is evident dat Burkina Faso heden ten dage geen socialistisch land is. Hoewel een aantal Burkinese bewegingen zich beroepen op de nalatenschap van Sankara, is de socialistische arbeidersbeweging geen kracht van betekenis. Dat ligt natuurlijk deels aan de omstandigheden waaronder Sankara Burkina Faso trachtte te hervormen. Het is logisch dat het imperialistische westen en met name Frankrijk niet akkoord gingen met zijn machtsovername en dat zij er alles aan zouden doen om hem uit het zadel te wippen. Eveneens is het, zoals eerder in de pagina’s van Paraat beschreven, onmogelijk om het socialisme te vestigen in één land. Zelfs als men rekening houdt met die omstandigheden is een deel van de mislukking van Sankara’s regime echter het gevolg van de manier waarop hij de macht overnam en de manier waarop hij vervolgens te werk ging.

Massabasis en arbeidersmacht

De bouw van het socialisme berust op arbeidersmacht. Het socialisme, de zelfemancipatie van het proletariaat, kan immers alleen maar voortvloeien uit de heerschappij van de arbeidersklasse. Dit systeem, waarin de klasse van werkende mensen alleenheerschappij heeft over de staat, is noodzakelijk om de nieuwe samenleving te beschermen tegen de kapitalistische reactie. Om dit goed te doen, vereist de dictatuur van het proletariaat de steun en deelname van een bewuste meerderheid van datzelfde proletariaat. Als zij geen meerderheidssteun geniet, of als zij meerderheidssteun geniet, maar die meerderheid niet betrekt in het uitoefenen van de macht, is het voor de kapitalistische contrarevolutie immers een fluitje van een cent om de nieuwe arbeidersstaat met de grond gelijk te maken. 

De staat van Sankara berustte niet op arbeidersmacht. Het betrof een officierscoup waarna de macht bij het leger lag. Burkinese arbeiders werden niet betrokken bij Sankara’s machtsovername, noch bij het uitoefenen van de staatsmacht. Dat er geen bewuste meerderheid was voor het socialisme, geen algehele bewapening van het Burkinese volk, maakte het voor Compaoré mogelijk om zonder al te veel tegenstand Sankara de macht uit handen te nemen. Een bewapende, van de noodzaak van het socialisme bewuste, meerderheid van het Burkinese volk had Sankara en bovenal zijn hervormingen kunnen beschermen tegen de bonapartistische coup.

Ook als Sankara niet was vermoord had een socialistische staatsvorm zich waarschijnlijk niet vast kunnen ankeren, hiervoor was er te weinig eenheidsvorming. Het mislukken van Sankara’s hervormingen toont de noodzaak van geduldige partij-opbouw voor het vestigen van het socialisme.

Leuk artikel? Meld je aan voor de Paraat nieuwsbrief!